Zonder oordeel kijken

Interview met Natalie Righton - journalist bij de Volkskrant

Hoe ervaar je oordeel in je leven?

‘Als ik kijk naar mijn werk als journalist moet ik proberen dit zonder oordeel te doen. En dit is soms lastig. Zo heb ik een aantal jaar in Afghanistan gewerkt en ik sprak toen ook met de Taliban. Hier hebben veel mensen een oordeel over, ook bijvoorbeeld vanuit het Ministerie van Defensie. Maar als journalist wil je van beide kanten in een conflict verslag doen en daarbij moet ik iedereen zonder oordeel tegemoet treden. Het oordeel komt al terug in hoe je de Taliban beschrijft. Noem je het terroristen, zoals we ze zien in Nederland. Of zijn het verzetsstrijders? Zo worden ze in Afghanistan gezien. Ook al schreef ik voor een Nederlandse krant, de Taliban kreeg ook mijn stukken onder ogen, dus ik moest heel bewust zijn hoe ik ze omschreef. Jihadisten bleek een woord te zijn dat voor beide kanten acceptabel was. En dan moest ik nog opletten dat een eindredacteur er geen ‘terroristen’ van maakte in de kop van een artikel.’

9200000009983896

Zonder oordeel kijken

‘Vanuit mijn werk heb ik geleerd naar de achtergrond te vragen, het waarom van iets. Waarom zegt of vindt iemand dit, waarom liegt iemand ergens over, welk doel of belang zit erachter? Hier zit ook mijn nieuwsgierigheid. Ik hoef het niet eens te zijn met iemand of zijn ideeën goed te keuren om met iemand in gesprek te gaan.
Zo heb ik in Afghanistan mensen gesproken die andere mensen vermoord hebben. Ik ga hierover niet in discussie maar vraag door naar de achtergrond, waarom doen mensen dit. Ik ben het dan niet eens met hun acties en keur het ook niet goed, maar je kunt heel veel dingen begrijpen vanuit de achtergrond van iemand. En massamoordenaars zijn misschien een uiterste maar hoe goed of slecht iemands ideeën ook zijn, iedereen wil contact maken.’

Ontmoeting op dieper niveau

‘Hoewel het wel veel kracht en openheid vraagt om steeds je eigen oordeel of mening opzij te zetten, heeft het me ook veel gebracht. Ik heb vriendschappen gesloten met mensen die ik anders niet gehad zou hebben. Door aan je eerste oordeel voorbij te gaan, kan je iemand op een dieper niveau ontmoeten. Dit heb ik ervaren met mijn Afghaanse tolk. Hij is opgegroeid in een heel andere cultuur met andere ideeën en inmiddels heb ik een mooie vriendschap met hem. We zaten destijds in Afghanistan vaak 14 uur met elkaar in een auto en hebben veel gepraat. Hij vond dat zijn vrouw niet naar school mocht en met een burka naar buiten moest. Dit staat lijnrecht tegenover mijn opvattingen. Als ik dan vroeg hoe hij mij zag, was dat lastig want ik paste als vrouw niet in zijn referentiekader. Hij zag wel dat ik een vrouw was, maar ik leefde in zijn ogen met de privileges van een man (een baan, zelfstandig wonen, eigen beslissingen nemen). De oplossing was dit te omzeilen, hij noemde me ‘commander’, wat los staat van man of vrouw. En: ‘Jij bent van een andere cultuur dus voor jou gelden de regels niet’.’

Wel of geen burka

‘Vanwege de onveilige situatie in Afghanistan is hij uiteindelijk naar Nederland gekomen. We hebben vooraf veel gesprekken gehad over dat hij echt iets moest veranderen in zijn ideeën en levenshouding als hij naar Nederland zou komen. Ik vertelde hem dat kinderen hier gemengd naar school gaan en dat het inburgeren en naar school gaan ook voor zijn vrouw geldt. En als je je vrouw heel erg beperkt kan ze zelfs kiezen om van je te scheiden. ‘Dit is onmogelijk’ zei hij dan. Het is zo’n verschil in wereldbeeld. Hij wil zijn vrouw beschermen met een burka en in Nederland heeft het juist een tegengesteld effect als zij met burka over straat zou gaan. Ze zijn inmiddels in Nederland en het gaat goed, zijn vrouw leert lezen en schrijven en emancipeert zich razendsnel. Toch zijn er ook nog genoeg cultuurverschillen. Zo had hij hier autorijlessen, maar durfde geen voorrang te nemen, ‘want ik ben hier te gast’. Zijn rij-instructeur heeft enorm moeten hameren om dit toch te doen, want opeens remmen terwijl je voorrang hebt is niet bevorderlijk voor de verkeersveiligheid.’

Onvoorwaardelijke vriendschap

‘Door via zijn perspectief en ervaringen naar Nederland te kijken, kreeg ik ineens een heel andere kijk. Voor mezelf geeft dit ook ruimte. Er is momenteel in Nederland een politieke onderstroom waarin nieuwkomers zich volledig moeten aanpassen aan ons. Het idee dat je ook iets van de ander kunt leren, wordt dan vergeten. In Afghanistan heb ik bijvoorbeeld geleerd wat het betekent om er onvoorwaardelijk te zijn voor mensen die geen familie zijn. Dit is iets dat daar heel belangrijk is omdat het om veiligheid gaat. In hun cultuur worden gasten beschouwd als het hoogste goed. Hij was er altijd voor mij in Afghanistan en ik ben er nu voor hem in Nederland als hij mij nodig heeft.’

Hoe niet oordelen mijn wereld minder bedreigend maakt

Ik merk steeds meer hoe mijn bewuste of onbewuste oordelen mijn interactie met de wereld beïnvloeden. Een voorbeeld ter illustratie. Ik reis veel met de trein en fiets altijd vanaf Rotterdam Centraal naar mijn huis in Delfshaven. Ik ken twee totaal verschillende scenario’s van dit fietsritje. Niet oordelen is een behoorlijke uitdaging.

“Hé, kijk eens uit, sukkel, ik heb voorrang”

In het eerste scenario kom ik aan met de trein op Rotterdam Centraal, zit mijn hoofd vol met werk en alle reisindrukken (‘natuurlijk wéér vertraging’) en voel ik de drukte van alle mensen die mijn pad kortstondig kruisen. Met dat gevoel stap ik de trein uit. “Hè getver wat een drukte, kunnen die mensen niet even wachten tot ik ben uitgestapt”. Ik worstel me door de massa en ja hoor, iedereen staat natuurlijk weer stil op de roltrap terwijl er een sticker hangt met ‘rechts staan, links lopen’, *zucht*. In de stationshal bots ik tegen allerlei mensen aan die niet voor me opzij gaan. Ik heb haast, ik wil naar huis! Ik pak mijn fiets en val van conflict in conflict. ‘Wat fietst zij traag zeg’. ‘Hé, kijk eens uit, sukkel, ik heb voorrang’. ‘Je snijdt me af.’ ‘Oh ja, dat heb ik weer, natuurlijk springt het stoplicht op rood.’ ‘Weer zo’n spookfietser, eikel.’ ‘Oh nee, nu begint het nog te regenen ook.’ Ik ben moe, wil naar huis en ervaar de rit als één groot obstakel om thuis te komen. Als ik thuiskom ben ik uitgeput en chagrijnig.

Ik hoor een vogel fluiten en geniet van de stad

In het tweede scenario kom ik met diezelfde trein aan op Rotterdam Centraal. Ik voel dat ik behoorlijk vol zit. Ik haal even diep adem en neem me voor om bewust naar huis te fietsen. Ik wacht rustig tot de deuren opengaan en kijk de mensen aan die staan te wachten om in te stappen. Ik maak oogcontact met iemand en glimlach. De glimlach wordt beantwoord. Ik loop naar de roltrap en door de stationshal op weg naar mijn fiets. Ik recht mijn rug en schouders en kijk mensen aan. Ik voel me blij worden en ik geniet van deze openheid en niet oordelen. Eenmaal op de fiets neem ik waar wat ik onderweg tegenkom. De enorme boom op de Mauritsweg, ik hoor een vogel fluiten en geniet van de stad. Het lijkt wel of alles meezit onderweg. Ook nu springt het stoplicht op rood, ik stap rustig af en kijk naar de mensen om me heen. Ik voel verbinding met mezelf en met mijn omgeving. Als ik thuiskom ben ik vrolijk en vol energie.

niet oordelen

Ik kies voor niet oordelen en heb een positieve interactie met de wereld

Wat is nu het verschil tussen de beide scenario’s? In de eerste situatie stap ik met een donderwolk de trein uit en zijn er alleen maar oordelen. Over mezelf en mijn omgeving. Alle verbinding is weg en ik drijf nog verder weg van mezelf door alle ‘conflicten’.
In de tweede situatie kies ik er bewust voor om verbinding met mezelf en mijn omgeving te maken. Ik heb gemerkt dat niet oordelen werkt voor me. En ik heb geleerd dat ik zelf een keuze kan maken op ieder moment hoe ik door het leven fiets.

Naomi